Structuur van een scriptie | Duidelijke Voorbeelden & Template

Voor het schrijven van je scriptie is het belangrijk dat je vanaf het begin een overzichtelijke scriptiestructuur aanhoudt.

Je scriptie is meestal het langste document dat je tot dan toe voor je studie hebt geschreven en kan variëren tussen de 6.000 en 25.000 woorden, afhankelijk van je opleidingseisen. Ook is het vaak het langste en meest uitgebreide onderzoek dat je tot dan toe hebt uitgevoerd. Het structureren van je scriptie kan daarom een hele uitdaging zijn.

Om je op weg te helpen met het creëren van een duidelijke structuur, hebben we een volledig scriptietemplate ontworpen die je gemakkelijk kunt overnemen.

In deze template staan alle hoofdstukken en onderdelen in de volgorde die wij aanbevelen. Bovendien wordt per hoofdstuk en onderdeel uitgelegd wat je moet schrijven en hoeveel woorden je ongeveer moet schrijven. Ook is er al een inhoudsopgave voor je gemaakt.

Je kunt het scriptiesjabloon hieronder downloaden in het door jou gewenste format:

Download Word-sjabloon Download Google Docs-sjabloon

Let op
Iedere opleiding stelt vaak net iets andere eisen aan de structuur en hoofdstukindeling van je scriptie. Daarom is het goed om eerst uit te zoeken welke eisen jouw opleiding stelt.

Structuur van een scriptie

De opbouw van je scriptie is meestal afhankelijk van een aantal factoren, zoals:

Binnen de exacte en sociale wetenschappen omvatten scripties bijvoorbeeld doorgaans een theoretisch kader, methodologie en resultatenoverzicht van het empirische onderzoek. Binnen de geesteswetenschappen is het juist gebruikelijker om je scriptie te structureren als een lang essay, waarin je aan de hand van argumenten toewerkt naar een centrale stelling.

Ga dus goed na welke indeling voor jouw scriptie gebruikelijk en nuttig is.

Tip
Twijfel je of je scriptie de juiste structuur of opbouw heeft? Maak dan gebruik van onze Nakijkservice. Onze Scribbr-editors helpen je graag. Zij kunnen feedback geven op de structuur en rode draad van je tekst en kijken je scriptie na op taal.

Scriptievoorbeelden

Hieronder staan een aantal voorbeelden van scripties om inspiratie op te doen.

Tip
Bekijk al onze scriptievoorbeelden om een beter idee te krijgen van de mogelijkheden voor je scriptiestructuur.

Titelpagina

De titelpagina is de voorpagina en dus de eyecatcher van je scriptie. Hier presenteer je de titel (en ondertitel) en alle andere belangrijke informatie over je scriptie, zoals je naam, studentnummer, opleiding, naam van je begeleider(s) en inleverdatum.

Lees meer over de titelpagina

Wie helpt jou met nakijken?

Betrouwbare hulptroepen vinden is niet makkelijk...

  • Familie
  • Vrienden
  • Studiegenoten
  • Scribbr

We staan altijd voor je klaar

Informatiepagina (optioneel)

De informatiepagina geeft meer informatie dan de titelpagina. Hier vermeld je:

  • wederom de titel (en ondertitel);
  • informatie over je begeleiders;
  • informatie over jezelf (naam, studentnummer en email);
  • informatie over je opleiding;
  • de inleverdatum.

    Je voegt een informatiepagina toe als je niet alle informatie op je titelpagina kwijt wilt, bijvoorbeeld vanwege de vormgeving of omdat je wilt dat enkel de titel centraal staat, of als je opleiding dit vereist.

    Lees meer over de informatiepagina

    Voorwoord

    Het voorwoord is een persoonlijke noot in je scriptie. Hierin kun je de lezer informeren over jouw persoonlijke achtergrond in de context van je scriptie, zoals waarom je voor het onderwerp hebt gekozen en wat je ervaringen waren tijdens het schrijven. Daarnaast wordt het voorwoord ook gebruikt om iedereen te bedanken die je heeft geholpen met het realiseren van je scriptie.

    Lees meer over het voorwoord

    Dankwoord (optioneel)

    Net als in het voorwoord is in het dankwoord ruimte om iedereen te bedanken die je heeft geholpen met het schrijven van je scriptie. Het dankwoord lijkt dus veel op het voorwoord, maar in het dankwoord vermeld je verder geen andere informatie.

    Wij raden je aan alleen voor een voorwoord te kiezen en hierin een dankbetuiging toe te voegen. Alleen wanneer je ruimte wilt nemen om veel mensen te bedanken kan een dankwoord een uitkomst voor je zijn (bijvoorbeeld in een proefschrift).

    Lees meer over het dankwoord

    Samenvatting (abstract)

    Een van de functies van een samenvatting is om als lezer te kunnen inschatten of de inhoud van je thesis interessant genoeg is om te lezen. Je introduceert het onderwerp daarom direct in de eerste zin.

    Je samenvatting is een korte weergave van je scriptie. In je samenvatting beantwoord je kort en bondig vijf vragen:

    1. Wat is het onderwerp?
    2. Hoe (met welke methoden) is het onderwerp onderzocht?
    3. Wat zijn de resultaten van je onderzoek?
    4. Wat is het antwoord op je hoofdvraag, oftewel je conclusie?
    5. Wat betekent dit voor vervolgonderzoek en/of aanbevelingen?

    Lees meer over de samenvatting

    Inhoudsopgave

    In de inhoudsopgave som je alle hoofdstukken op en vermeld je daarbij het paginanummer. De inhoudsopgave zorgt ervoor dat de lezer van je scriptie het overzicht heeft en direct kan zien op welk paginanummer een bepaald hoofdstuk begint. Je zet alle onderdelen van je scriptie in de inhoudsopgave, inclusief de bijlagen. Je kunt de inhoudsopgave eenvoudig automatisch genereren in Word.

    Lees meer over de inhoudsopgave

    Figuren- en tabellenlijst (optioneel)

    In de figuren- en tabellenlijst staan alle figuren en tabellen opgesomd die je in je scriptie gebruikt. Wanneer je gebruikmaakt van de functie “Bijschrift invoegen” in Word kun je de lijst automatisch genereren. Je voegt een figuren- en tabellenlijst alleen toe wanneer je van veel figuren of tabellen gebruikmaakt. Op deze manier houd je je scriptie overzichtelijk.

    Lees meer over de figuren- en tabellenlijst

    Afkortingenlijst (optioneel)

    In de lijst met afkortingen vermeld je alle afkortingen van belangrijke begrippen in je scriptie. Door de lijst te alfabetiseren kan de lezer eenvoudig een afkorting opzoeken. Ook deze lijst is optioneel en voeg je alleen toe als je gebruikmaakt van veel afkortingen.

    Het ligt aan jouw persoonlijke voorkeur of je de lijst van afkortingen vooraan in je scriptie plaatst of pas na de literatuurlijst. Lijsten die niet al te lang zijn, worden meestal vooraan in de scriptie geplaatst.

    Lees meer over de afkortingenlijst

    Begrippenlijst (optioneel)

    De begrippenlijst, ook wel verklarende woordenlijst genoemd, vormt een opsomming van alle begrippen in je scriptie die een beknopte uitleg nodig hebben. In de begrippenlijst som je de begrippen alfabetisch op en leg je de begrippen uit. Je voegt een begrippenlijst alleen toe als dit de leesbaarheid van je scriptie vergroot omdat je veel vakspecifieke of technische termen gebruikt.

    Lees meer over de begrippenlijst

    Inleiding

    In de inleiding introduceer je de aanleiding, het onderwerp, de probleemstelling, de doelstelling en je onderzoeksvraag (en eventueel deelvragen) en beschrijf je kort de onderzoeksopzet. Een krachtige heldere inleiding zorgt ervoor dat je de lezers voor je wint en ze graag de rest van je scriptie willen lezen.

    Tip
    Maak eventueel gebruik van onze tips voor het schrijven van je leeswijzer om ervoor te zorgen dat je tekst nog beter leesbaar is.

    Lees meer over de inleiding

    Theoretisch kader en literatuuronderzoek

    In het theoretisch kader probeer je alle beschrijvende onderzoeksvragen te beantwoorden. Deze kun je bijna altijd beantwoorden met een literatuurstudie. Voor elke onderzoeksvraag kun je een aparte paragraaf maken.

    Als je toetsend onderzoek doet en hypothesen opstelt of al hebt opgesteld kun je de literatuur gebruiken om een hypothese te ontkrachten of te bevestigen. Je kunt ook het literatuuronderzoek gebruiken om een hypothese op te stellen. Later, tijdens kwalitatief of kwantitatief onderzoek, test je de hypothesen.

    In universitaire scripties schrijf je altijd eerst je theoretisch kader en daarna de methodologie. Als hbo-student moet je soms eerst je methodologie presenteren en daarna pas je theoretisch kader. Controleer de richtlijnen van je studie om te bepalen welke volgorde jij moet hanteren.

    Lees meer over het theoretisch kader

    Methodologie

    In dit onderdeel beschrijf je de methodologie die je hebt gebruikt om jouw onderzoek uit te voeren. Je presenteert welk soort onderzoek je hebt gedaan, hoe je data hebt verzameld, de data-kenmerken, het onderzoeksverloop en de wijze van data-analyse.

    Je grijpt hierbij ook kort terug op je onderzoeksopzet, het deel van je onderzoeksplan dat je in je research proposal of plan van aanpak hebt behandeld.

    Tip
    Bekijk ook onze standaardzinnen voor het beschrijven van je onderzoeksmethoden om je op weg te helpen.

    Om een beter beeld te krijgen van hoe een methodologiesectie er uiteindelijk in je scriptie uitziet, hebben we daarnaast ook een methodologie voorbeeld ontwikkeld.

    Lees meer over de methodologie

    Onderzoeksresultaten

    In het resultatenhoofdstuk noteer je de belangrijkste resultaten die je met behulp van je onderzoek hebt achterhaald. Je beschrijft ter aanvulling op de methode kort hoe het onderzoek is verlopen en rapporteert de resultaten.

    Tip
    Voor de analyse van je onderzoeksresultaten kun je gebruikmaken van onze artikelen over statistiek (e.g. SPSS, standaarddeviatie, correlatie, ANOVAt-toets).

    Lees meer over de resultaten

    Conclusie

    In de conclusie geef je antwoord op de hoofdvraag die je hebt opgesteld naar aanleiding van je probleemstelling. Je doet dit op basis van de antwoorden die je hebt gevonden op je deelvragen in je theoretisch kader en in je resultaten.

    Aan de hand van deze antwoorden en overige belangrijke resultaten schrijf je een duidelijke conclusie, waarin geen nieuwe informatie meer aan bod komt.

    Lees meer over de conclusie

    Discussie

    Vaak zijn de resultaten uit de conclusie voor meerdere interpretaties vatbaar. Daarom schrijf je ook een discussie. In de discussie geef je mogelijke interpretaties van de resultaten weer en geef je suggesties voor vervolgonderzoek. Ook noem je eventuele beperkingen en implicaties van het onderzoek.

    Tip
    Bekijk een voorbeeld van een discussie of gebruik onze standaardzinnen om beperkingen te bespreken.

    Lees meer over de discussie

    Aanbevelingen (optioneel)

    Veel studenten die een afstudeerstage lopen bij een bedrijf moeten ook nog aanbevelingen of een adviesrapport schrijven. In deze aanbevelingen of dit adviesrapport doen ze aanbevelingen voor het bedrijf naar aanleiding van de conclusies van het onderzoek.

    Let op
    Je neemt alleen aanbevelingen op die te maken hebben met je onderzoeksvraag en je opdrachtgever concreet en stapsgewijs advies geven om de oplossing uit je onderzoek toe te passen. Eventuele suggesties voor vervolgonderzoek beschrijf je niet hier, maar in de discussie van je scriptie.

    Lees meer over de aanbevelingen

    Nawoord (optioneel)

    Het nawoord wordt net als het voorwoord vaak gebruikt om mensen te bedanken. Als je al een voorwoord hebt geschreven, is het nawoord vaak overbodig. Een andere functie van het nawoord is reflecteren op je eigen werk (een evaluatie).

    Als je de scriptie samen met iemand anders hebt geschreven, kun je in het nawoord aangeven hoe de samenwerking is verlopen en waarvan je geleerd hebt. Veel studenten zijn bovendien verplicht om een reflectieverslag te schrijven. Het reflectieverslag wordt vaak apart geschreven en niet toegevoegd aan de scriptie.

    Lees meer over het nawoord

    Literatuurlijst

    Alle bronnen die je gebruikt, zet je in de literatuurlijst. De onderwijsinstelling geeft vaak aan welke referentiestijl je moet hanteren voor de bronvermelding. De APA-stijl komt het vaakst voor.

    Het is belangrijk dat je een correcte bronvermelding en literatuurlijst toevoegt zodat je plagiaat voorkomt. Je kunt gebruikmaken van onze gratis Bronnengenerator om gemakkelijk zelf automatisch bronvermeldingen te genereren in de door jou gekozen referentiestijl. Ook kun je onze Plagiaatchecker gebruiken om je tekst te controleren op plagiaat.

    Zeker weten dat al je bronnen kloppen en je foutloos verwijst? Laat dan één van onze experts van de Bronvermeldingsservice ernaar kijken.

    Lees meer over de literatuurlijst

    Bijlagen

    In je scriptie zelf staan enkel kernzaken. Veel documenten die je wel gebruikt hebt, maar niet direct in je scriptie hoeven te staan, voeg je toe als bijlage. Indien documenten bijdragen aan jouw onderzoek moet je ze opnemen in de bijlage, zodat lezers kunnen controleren hoe je onderzoek is uitgevoerd en waar het op is gebaseerd. Veel voorkomende bijlage-onderdelen zijn: interviews, enquêtes, tabellen en figuren, en analyses.

    Lees meer over de bijlagen

    Gratis collegeslides

    Ben jij een docent of professor die studenten wil onderwijzen over de de structuur van een scriptie? Of ben je student en op zoek naar een bondig overzicht? Top! Je kunt onze slides gratis downloaden, aanpassen en verspreiden.

    Download Google SlidesDownload PowerPoint

    Bekijk ook onze collegeslides over andere onderwerpen in het Nederlands en Engels.

    Veelgestelde vragen

    Wanneer kies je voor een dankwoord?

    In de meeste gevallen kies je alleen voor een los dankwoord als je heel veel mensen wilt bedanken. Bij een scriptie is dit meestal niet het geval, waardoor je het dankwoord beter kunt opnemen in je voorwoord.

    Waarvoor gebruik je een voorwoord?

    In je voorwoord kun je ingaan op de aanleiding voor het schrijven van je scriptie, je persoonlijke achtergrond, ervaringen tijdens het schrijven en de doelgroep van je scriptie. Daarnaast is dit de plek om mensen te bedanken die je met je scriptie hebben geholpen als je geen los dankwoord schrijft.

    Waarvoor wordt een afkortingenlijst gebruikt?

    In de afkortingenlijst, ook wel verklaring van afkortingen genoemd, vermeld je alfabetisch afkortingen van belangrijke begrippen in je scriptie. Op deze manier kan de lezer deze makkelijk terugvinden.

    Is een figuren- of tabellenlijst verplicht?

    Een figuren- en tabellenlijst is vaak niet verplicht, maar wordt wel geadviseerd als je van veel figuren of tabellen gebruikmaakt en je scriptie aan de lange kant is.

    In welk hoofdstuk voeg je de leeswijzer toe?

    De leeswijzer om de structuur van je scriptie te verduidelijken plaats je in de inleiding. Je kunt dit onderdeel eventueel opnemen in een aparte paragraaf op het eind van de inleiding.

    Wat vind jij van dit artikel?

    Meer interessante artikelen