Aannames bij statistische toetsen

Bij het uitvoeren van statistische toetsen zoals een regressieanalyse, t-toets of ANOVA worden vaak verschillende statistische aannames gedaan. Het is belangrijk om deze aannames te testen, want pas als deze kloppen kun je de juiste conclusies trekken.

In dit artikel leggen we de betekenis van de meest voorkomende aannames uit en laten we zien hoe je deze kunt testen.

Verder lezen: Aannames bij statistische toetsen

T-toets (t-test) gebruiken en interpreteren

De t-toets, ook wel Students t-toets of t-test genoemd, wordt gebruikt om te analyseren of gemiddelden van elkaar of van een bepaalde waarde verschillen. Je kunt de t-toets bijvoorbeeld gebruiken om te analyseren of mannen gemiddeld langer zijn dan vrouwen.

Er zijn verschillende soorten t-toetsen, zoals de one sample t-test, de independent samples t-test en de paired samples t-test.

Verder lezen: T-toets (t-test) gebruiken en interpreteren

Regressieanalyse uitvoeren en interpreteren

Regressieanalyse wordt gebruikt om te analyseren of er samenhang bestaat tussen de waardes van twee of meer variabelen, bijvoorbeeld tussen lengte en gewicht. Met een regressieanalyse probeer je deze samenhang uit te drukken in een vergelijking.

Deze vergelijking geeft aan wat de verandering in de afhankelijke variabele (gewicht) is wanneer de waarde van de verklarende (of onafhankelijke/voorspellende) variabele (lengte) met één toeneemt.

Verder lezen: Regressieanalyse uitvoeren en interpreteren

Cronbach’s Alpha berekenen en interpreteren

Cronbach’s Alpha is een statistische test die wordt gebruikt om interne consistentie, ofwel de mate van samenhang, tussen meerdere enquêtevragen te meten.

De interne consistentie is vooral belangrijk als je een overkoepelend begrip zoals klanttevredenheid wilt meten met meerdere vragen. Deze vragen moeten dan goed bij elkaar passen zodat je er zeker van bent dat je wel het overkoepelende construct kunt meten.

Verder lezen: Cronbach’s Alpha berekenen en interpreteren

Wat is correlatie en hoe bereken je het?

Correlatie geeft de mate van samenhang tussen twee variabelen weer, ofwel in hoeverre twee variabelen elkaar beïnvloeden. De correlatie wordt uitgedrukt in de correlatiecoëfficiënt. De waarde van de correlatiecoëfficiënt ligt altijd tussen -1 en +1.

Een positieve correlatiecoëfficiënt dicht bij de waarde 1 geeft bijvoorbeeld aan dat langere studenten ook zwaarder zijn. Een correlatiecoëfficiënt dichter bij de 0 geeft aan dat het verband tussen gewicht en lengte zwakker is.

Verder lezen: Wat is correlatie en hoe bereken je het?

Wat is een standaarddeviatie en hoe bereken je deze?

De standaarddeviatie of standaardafwijking geeft de mate van spreiding aan in bepaalde data. Het geeft aan hoezeer de geobserveerde waardes afwijken van het gemiddelde.

Stel dat je de leeftijden van vijf studenten hebt verzameld. De standaarddeviatie geeft dan een beeld van de leeftijdsverschillen tussen deze vijf studenten.

Een kleine standaarddeviatie duidt erop dat de studenten uit dezelfde (leeftijds)groep komen.

Verder lezen: Wat is een standaarddeviatie en hoe bereken je deze?

Hoe neem ik offline enquêtes af?

Hoewel veel studenten tegenwoordig vaak hun enquêtes online kunnen afnemen, moeten sommige enquêtes nog steeds volgens de ouderwetse manier afgenomen worden. Je moet dan je enquêtes afdrukken, sorteren en mensen gaan aanspreken. Dat kan lastiger zijn dan het lijkt.

Wat is bijvoorbeeld een goede plek? Hoe zorg je ervoor dat mensen bereid zijn je enquête in te vullen? En welke voorbereiding is er nodig?

Verder lezen: Hoe neem ik offline enquêtes af?