Voeg de DOI toe op het eind van de APA-bronvermelding in de literatuurlijst. Als je de 6de editie van de APA-richtlijnen gebruikt, dan wordt de daadwerkelijke DOI voorafgegaan door het label “doi:”. In de 7de editie wordt de DOI voorafgegaan door “https://doi.org/”.
Voorbeeld van APA-bronvermelding in de literatuurlijst (7de editie)
Hawi, N. S., & Samaha, M. (2016). The relations among social media addiction, self-esteem, and life satisfaction in university students. Social Science Computer Review, 35(5), 576–586. https://doi.org/10.1177/0894439316660340
De tekst wordt links uitgelijnd en verschijnt op alle pagina’s, inclusief de titelpagina. Het is niet nodig om het label “Running head” toe te voegen voor de titel (zoals dat wel moest voor de 6de editie van APA).
Je voegt in principe alleen een running head toe bij officiële publicaties, en niet als je student bent (tenzij instructies anders voorschrijven).
De datumnotatie voor de APA-stijl in het Nederlands verschilt ten opzichte van het Engels. In het Nederlands schrijf je de maanden zonder hoofdletter en begin je met de dag van de maand. In het Engels is dit precies andersom.
Nederlands Streefkerk, R. (2019, 22 oktober). APA-handboek 7e druk: De belangrijkste wijzigingen. Geraadpleegd op 6 april 2021, van https://www.scribbr.nl/apa-stijl/wijzigingen-7e-druk.
Engels Streefkerk, R. (2010, October 22). APA-handboek 7e druk: De belangrijkste wijzigingen. Retrieved October 22, 2021, from https://www.scribbr.nl/apa-stijl/wijzigingen-7e-druk
Als je de APA-stijl gebruikt voor de opmaak, kun je deze richtlijnen volgen voor de informatie op titelpagina (ook wel titelblad, voorpagina of omslag genoemd):
Titel van je tekst.
Je naam (en eventueel namen van andere auteurs).
Naam van je hogeschool of universiteit (en eventueel de faculteit).
Naam van je vak (en eventueel vakcode).
Naam van je begeleider(s).
Inleverdatum van je opdracht.
Alle tekst met dubbele regelafstand en gecentreerd.
Een inhoudsopgave is volgens de APA-richtlijnen niet verplicht. Er zijn dan ook geen specifieke APA-opmaakrichtlijnen voor dit onderdeel. Toch is het zeker in lange teksten verstandig om een inhoudsopgave toe te voegen. Voor wat houvast kun je hierbij deze opmaakrichtlijnen volgen:
Voeg alle koppen met niveau 1 en 2 toe (andere niveaus zijn optioneel).
Geef de niveauverschillen tussen koppen aan met inspringing. Houd je aan de algemene APA-opmaakrichtlijnen voor het lettertype, regelafstand, en dergelijke.
Je introduceert afkortingen volgens de APA-stijl door eerst de volledige term te noemen en vervolgens de afkorting tussen haakjes te plaatsen. Vanaf dat moment gebruik je alleen nog de afkorting.
Het beheersen van Kwaliteit, Arbo en Milieu (KAM) is voor veel organisaties moeilijk. KAM krijgt vaak te weinig aandacht.
Bronvermelding in de literatuurlijst
In de literatuurlijst wordt voor iedere bron een volledige bronvermelding opgenomen. Elke bronvermelding kan uit negen elementen bestaan. Voor ieder brontype gebruik je alleen de relevante elementen.
Verwijzing in de tekst
Dit zijn korte verwijzingen in de tekst die de lezer helpen de volledige bronvermelding in de literatuurlijst te vinden. Alleen de achternaam van de auteur en het paginanummer worden gebruikt, bijvoorbeeld (Smith 205).
Bekijk ons uitgebreide artikel over de MLA-stijl voor meer uitleg en voorbeelden.
Achternamen hebben vaak een of meerdere tussenvoegsels (of voorvoegsels), zoals:
van, van der, van de
de, den, del
el, al
la, las
Het tussenvoegsel maakt deel uit van de rest van de achternaam, en je sorteert je bronvermeldingen in de literatuurlijstalfabetisch op basis van de achternaam van de eerste auteur.
Literatuurlijst: De Maat, I. (2020). Marketingmodellen in scripties. ART19.
Verwijzing in de tekst: Daarom suggereert De Maat (2020) dat …
Bij verwijzingen wordt de voornaam weggelaten. Daarom krijgen tussenvoegsels in die gevallen een hoofdletter volgens de APA-richtlijnen. Bij een achternaam met meerdere tussenvoegsels krijgt alleen het eerste tussenvoegsel een hoofdletter.
Net als de meeste stijlgidsen raadt APA aan om religieuze boeken op te nemen in de verwijzing in de tekst, in combinatie met het hoofdstuk- en versnummer. Bijvoorbeeld:
(De Nieuwe Bijbelvertaling, 2007, Petr. 3:5)
Titels van religieuze boeken mogen worden verkort om ruimte te besparen. Je kunt hier een lijst met standaardafkortingen voor Bijbelboeken vinden. Paginanummers worden niet gebruikt bij verwijzingen naar religieuze werken.
In de 6de editie van de APA-handleiding werd geadviseerd om voor religieuze werken alleen een verwijzing in de tekst op te nemen en om deze weg te laten uit de literatuurlijst.
Als je een podcastaflevering citeert in APA-stijl, noteer je de host van de podcast als auteur, inclusief een label om de rol te verduidelijken:
Gorgels, K. (Host)
Als je een hele podcastserie citeert en de afleveringen verschillende hosts hebben, noem je de uitvoerend producent. Ook hierbij voeg je een label toe om de rol aan te geven:
Als je een specifiek moment in een video- of audiobron wilt uitlichten, raadt APA aan om een tijdstempel te gebruiken bij je verwijzing in de tekst. Voeg hiervoor de tijdstempel toe waarop het geciteerde deel begint. Bijvoorbeeld:
Als je naar een openbaar bericht op sociale media wilt verwijzen, gebruik je de eerste 20 woorden als titel, voeg je de publicatiedatum toe, neem je een URL op, en noem je de gebruikersnaam van de auteur als diegene er een heeft.
Rijkswaterstaat Verkeersinformatie. [@RWSverkeersinfo]. (2021, 11 maart). Het @KNMI heeft voor vandaag #codegeel afgegeven voor het hele land. Ga je de weg op? Wees dan extra alert [Tweet]. Twitter. https://twitter.com/RWSverkeersinfo/status/1369878958410321921
Als je naar socialemedia-inhoud wilt verwijzen die niet openbaar is (zoals privéberichten, berichten uit besloten groepen of gebruikersprofielen), behandel je de inhoud als persoonlijke communicatie in de lopende tekst. Je neemt hierbij geen bronvermelding op in de literatuurlijst.
Toen de schrijver van de bestseller online werd gecontacteerd, stelde hij dat het schrijfproces voor zijn nieuwe boek “geheel volgens plan” verliep (M. Merkus, privébericht op Twitter, 27 november, 2020).
Copyright-informatie kan meestal worden gevonden op de plek waar de tabellen of figuren zijn gepubliceerd. Stel dat je een diagram uit een wetenschappelijk tijdschrift wilt citeren, dan kun je op de website van het tijdschrift kijken of in de database waar je het artikel hebt gevonden. Afbeeldingen die je vindt op websites zoals Flickr worden gepubliceerd met duidelijke copyright-informatie.
Volgens de APA-stijl vallen alle bronnen die niet kunnen worden geraadpleegd door de lezer onder persoonlijke communicatie. Als jouw bron privé of ontoegankelijk is voor het lezerspubliek van je tekst, dan valt deze onder persoonlijke communicatie.
Veelvoorkomende voorbeelden zijn gesprekken, e-mails, berichten, brieven en interviews of optredens die niet zijn opgenomen.
Gepubliceerde of opgenomen interviews worden wel toegevoegd aan de literatuurlijst. Je citeert ze in het gebruikelijke bronvermelding-format voor dat brontype (bijvoorbeeld een krantenartikel, boek of YouTube-video).
Als een artikel geen DOI heeft en je het hebt geraadpleegd via een database of in gedrukte versie, dan laat je de DOI weg.
Als een artikel geen DOI heeft en je het hebt geraadpleegd op een website (geen database, maar bijvoorbeeld de website van het tijdschrift zelf), dan voeg je een URL toe waarmee je naar het artikel verwijst.
Als je uit een andere editie citeert dan de eerste (bijvoorbeeld de 2de of een herziene editie), noem je deze in de bronvermelding in de literatuurlijst. Je kort de editie af en zet deze tussen haakjes achter de titel van het boek (bijvoorbeeld 2de ed. of herz. ed.).
Als de hoofdstukken uit een boek door verschillende auteurs zijn geschreven, moet je voor teksten in de APA-stijl het specifieke hoofdstuk citeren.
Als alle hoofdstukken door dezelfde auteur (of groep auteurs) zijn geschreven, kun je het hele boek citeren, zelfs als je citeert of parafraseert uit één hoofdstuk.
Als je een tabel of figuur aanpast of overneemt uit een andere bron, moet je die bron opnemen als bronvermelding in je literatuurlijst. Je moet de originele bron ook noemen in de noot of het bijschrift van je tabel of figuur.
Tabellen en figuren die je zelf hebt gemaakt en die je gebaseerd hebt op je eigen data worden niet opgenomen in je literatuurlijst.
APA schrijft niet voor dat je een lijst van tabellen en figuren moet opnemen. Het kan toch handig zijn om deze toe te voegen als je tekst veel tabellen en/of figuren bevat en lang genoeg is voor een inhoudsopgave.
Een lijst van tabellen en figuren (in die volgorde) komt na je inhoudsopgave en wordt op eenzelfde manier vormgegeven.
In een tekst in APA-stijl gebruik je een tabel of figuur als dit een duidelijkere manier is om belangrijke informatie te presenteren dan wanneer je de informatie zou beschrijven in de hoofdtekst. Dit is vaak het geval als je veel informatie moet overbrengen.
Voordat je tabellen of figuren toevoegt, moet je jezelf altijd afvragen of deze bijdragen aan het begrip van de tekst:
Kan deze informatie kort worden samengevat in de tekst?
Is de informatie belangrijk voor de punten die je wilt maken?
Heeft het figuur of de tabel te veel uitleg nodig om efficiënt te zijn?
Als de data die je wilt presenteren maar enkele relevante getallen bevatten, kun je beter proberen om deze samen te vatten in de tekst (met wellicht een volledige weergave van de data in een bijlage). Als je tekst onnodig lang en moeilijk leesbaar wordt door de beschrijving van je data, kun je beter wel een tabel of figuur toevoegen.
Ja, in het geval van relevante bronnen kan en moet je naar de bronnen verwijzen in je bijlagen. Gebruik hetzelfde auteur-datumsysteem als in de hoofdtekst.
Alle bronnen die je citeert in de bijlage moet je ook opnemen in je literatuurlijst. Maak geen aparte literatuurlijst voor je bijlagen.
Het is het alleen waard om iets toe te voegen als bijlage als je naar informatie uit die bijlage verwijst in je lopende tekst (bijvoorbeeld citeren uit een interviewtranscript). Als je niet naar de bijlage verwijst, dan kun je deze beter verwijderen (tenzij je instructies anders voorschrijven).
Populaire tekstverwerkers, zoals Microsoft Word en Google Docs, kunnen lijsten alfabetisch rangschikken, maar ze volgen hierbij niet de APA-stijl richtlijnen voor alfabetisering.
Als je Scribbrs APA Generator gebruikt om bronvermeldingen te genereren, dan worden je deze automatisch gerangschikt op basis van de APA-richtlijnen voor de literatuurlijst. Hierbij wordt rekening gehouden met alle uitzonderingen.
De samenvatting moet de focus leggen op jouw originele onderzoek en niet op de publicaties van anderen.
De samenvatting moet op zichzelf staan en volledig te begrijpen zijn zonder naar andere bronnen te verwijzen.
Er zijn omstandigheden waarin je wel andere bronnen moet noemen in een samenvatting. Voorbeelden hiervan zijn onderzoeken die een directe reactie of vervolg vormen op een andere studie of onderzoeken die focussen op het werk van een bepaalde theoreticus. Over het algemeen geldt echter dat je geen verwijzingen toevoegt, tenzij het absoluut noodzakelijk is.
Een samenvatting in APA-stijl heeft een lengte van ongeveer 150 tot 250 woorden. Vergeet niet om altijd te kijken naar de richtlijnen van het tijdschrift waarin je wilt publiceren en overschrijd het aangegeven maximale woordenaantal niet.
Hulp nodig bij het samenvatten van je tekst? Gebruik Scribbrs samenvatter om gratis een handige samenvatting te maken.
Een samenvatting weergeeft kort de strekking van een academische tekst (zoals een artikel uit een wetenschappelijk tijdschrift of een scriptie). Dit tekstonderdeel heeft twee hoofddoelen:
De samenvatting helpt potentiële lezers om te beoordelen hoe relevant jouw tekst is voor hun onderzoek.
De samenvatting bevat de belangrijkste bevindingen voor lezers die geen tijd hebben om je hele tekst te lezen.
Samenvattingen en bijbehorende sleutelwoorden worden vaak in academische databases getoond, zodat je publicatie makkelijker kan worden gevonden. Aangezien de samenvatting het eerste is wat lezers zien, is het belangrijk dat deze de inhoud van je tekst duidelijk en juist samenvat.
Hulp nodig bij het samenvatten van je tekst? Gebruik Scribbrs samenvatter om gratis een handige samenvatting te maken.
De APA-opmaak wordt veel gebruikt door professionals, onderzoekers en studenten.
Zorg ervoor dat je de richtlijnen van je universiteit of van het tijdschrift waarin je publiceert bekijkt om te controleren welke stijl je moet gebruiken.
Ja, je voegt paginanummers toe op alle pagina’s, inclusief de titelpagina, inhoudsopgave en literatuurlijst. Paginanummers moeten rechts worden uitgelijnd in de koptekst op de pagina.
Om paginanummers toe te voegen in Microsoft Word of Google Docs klik je op “Invoegen” en dan op “Paginanummers”.
Volgens de APA-opmaakrichtlijnen moet je tekst worden geschreven in een leesbaar en breed toegankelijk lettertype. Voorbeelden hiervan zijn:
Times New Roman (12)
Arial (11)
Calibri (11)
Georgia (11)
Je gebruikt hetzelfde lettertype en dezelfde lettergrootte in je gehele document. Dit geldt ook voor de running head, paginanummers, koppen en literatuurlijst. De tekst in voetnoten en figuren mag kleiner zijn en hierbij mag ook enkele regelafstand worden gebruikt.
De makkelijkste manier om je tekst op te maken volgens APA-richtlijnen is door Scribbrs gratis APA-opmaak sjabloon te downloaden. Je kunt ook kijken naar ons artikel over APA-opmaak met voorbeelden.
Om op de juiste wijze een precieze definitie of argument te presenteren
Gebruik niet te veel citaten, want jouw eigen stem moet het sterkst aanwezig zijn. Als je simpelweg informatie wil geven uit een bron is het meestal beter om te parafraseren of samen te vatten.
Volg deze regels om een citaat op te nemen in je tekst in APA-stijl:
Citaten van minder dan 40 woorden worden tussen dubbele aanhalingstekens geplaatst (met het eindpunt als leesteken buiten de aanhalingstekens na de bronvermelding).
Citaten van 40 woorden of meer worden opgemaakt als een blokcitaat.
De auteur, het jaar en het paginanummer worden toegevoegd aan de verwijzing in de tekst.
Als een artikel meer dan 20 auteurs heeft, vervang je de namen tussen de 19de auteur en de laatstgenoemde auteur door een beletselteken (. . .), maar je laat de laatste auteur niet weg:
De Bruin, T. C., Maartens, J. R., Wilgers, G. L., Evers, B. B., Kelfkens, R. S., Turner, S. T., Abdullahi, A., Daniels, A. T., Hogenbosch, J., Schaars, L., De Wit, A., Strik, T., De Graaf, J. E., Kippersluis, C., Ourahou, S., Megens, M. D., Van der Vaart, R., Philips, T. F. G., Duinkerken, E., . . . Mertens, L.
Volgens de 7de editie van het APA-stijlhandboek is informatie over de locatie van een uitgever niet meer nodig. De 6de editie schreef wel voor om de stad en het land waar de uitgever gevestigd is te noemen, maar dit is niet langer het geval.
Bij een APA-verwijzing in de tekst gebruik je de zinsnede “geciteerd in” als je een indirecte bron wilt citeren (bijvoorbeeld als je de originele bron niet kunt vinden).
Verwijzing tussen haakjes: (De Bruin, 1998, geciteerd in Megens, 2019).
Narratieve verwijzing: De Bruin (1998, geciteerd in Megens, 2019) stelt dat …
In de literatuurlijst voeg je alleen de secundaire bron toe (Megens, 2019).
Voeg altijd een paginanummer toe aan de APA-verwijzing in de tekst als je direct citeert uit een bron. Voeg geen paginanummers toe als je verwijst naar een publicatie als geheel, bijvoorbeeld een boek of een volledig wetenschappelijk artikel uit een tijdschrift.
Als je bron geen paginanummers heeft, kun je een alternatieve plaatsaanduiding toevoegen, zoals een tijdstempel, hoofdstuktitel of paragraafnummer.
In plaats van de achternaam van de auteur, voeg je de eerste paar woorden van de publicatietitel toe bij de verwijzing in de tekst. Zet de titel tussen dubbele aanhalingstekens als je een artikel, webpagina of hoofdstuk uit een boek citeert. Schrijf de titel van tijdschriften, boeken en rapporten schuingedrukt.
Geen publicatiedatum
Als de publicatiedatum onbekend is, gebruik je “z.d.” (zonder datum). Bijvoorbeeld: (Jagers, z.d.).
Volgens de Amerikaanse APA-richtlijnen hoef je alleen een raadpleegdatum toe te voegen als je verwijst naar websites of online artikelen die waarschijnlijk zullen veranderen na verloop van tijd. In de praktijk is het heel lastig om vast te stellen of je met een veranderlijke website te maken hebt, dus daarom raden we aan om altijd een raadpleegdatum op te nemen voor online bronnen zonder DOI of stabiele URL.
Dit kun je doen door het volgende toe te voegen op het eind van de bronvermelding:
Geraadpleegd op 16 januari 2023, van https://www.scribbr.nl/handleiding-apa-regels/
De afkorting “et al.” (die “en anderen” betekent) wordt gebruikt om verwijzingen in de tekst met drie of meer auteurs in te korten. Dat werkt als volgt:
Je gebruikt alleen de achternaam van de eerste auteur, gevolgd door “et al.”, een komma en het publicatiejaar. Een voorbeeld is: (Verstraten et al., 2020).
Als je een specifieke passage uit een bron citeert of parafraseert, moet je de plaats van die passage aangeven in je verwijzing in de tekst. Als er geen paginanummers zijn (bijvoorbeeld als je naar een website verwijst), maar de tekst wel lang is, kun je sectiekoppen, paragraafnummers of een combinatie van de twee gebruiken:
(Abels, 2021, Resultatensectie, par. 1).
Sectiekoppen kunnen worden ingekort als dat nodig is. Kindle plaatsnummers kunnen niet worden gebruikt bij het citeren van een e-book, omdat deze onbetrouwbaar zijn.
Als je verwijst naar de bron als geheel is het niet nodig om een paginanummer of andere plaatsaanduiding te vermelden.
Gebruik de naam van de organisatie op de plaats van de auteur in bronvermeldingen in de literatuurlijst en verwijzingen in de tekst, indien de naam van de auteur niet wordt genoemd, maar de bron duidelijk kan worden toegeschreven aan een specifieke organisatie (zoals een persbericht van een goed doel, een rapport van een bureau of een webpagina van een bedrijfswebsite).
Als de auteur niet kan worden bepaald (zoals bij een Wikipedia-pagina die door meerdere mensen is bewerkt of bij een anoniem gepubliceerd online artikel), gebruik je de titel op de plaats van de auteur. Bij de verwijzing in de tekst zet je de titel tussen dubbele aanhalingstekens als je voor de bronvermelding in de literatuurlijst geen opmaak gebruikt, en je gebruikt cursivering in de tekst als de titel ook schuingedrukt wordt in de literatuurlijst. Indien nodig kort je de titel in.
Het komt vaak voor dat je gegevens mist bij internetbronnen. Bij de APA Generator kun je deze invulvelden dan gewoon overslaan. De bron wordt altijd op de juiste wijze gegenereerd.
Wij raden aan om een intranetbron in je scriptie te behandelen als een normale internetbron.
Een korte verwijzing in de tekst en volledig opnemen in je literatuurlijst. Daarnaast vermeld je door middel van een voetnoot dat de bron niet publiekelijk toegankelijk is.
De APA-stijl geeft aan dat je bij een vertaling niet langer meer van een citaat spreekt maar van een parafrase.
Je behandelt de bron als een normale parafrase en plaatst dus geen aanhalingstekens. In de literatuurlijst schrijf je eerst de originele titel op en hierna plaats je tussen blokhaken ‘[]’ de vertaalde titel.
Als je veel gebruikmaakt van bronnen, moet je hiernaar vaak verwijzen in je tekst. Het uitgangspunt is dat je beter te vaak naar een bron kunt verwijzen dan te weinig.
Het moet voor de lezer van je scriptie in een oogopslag duidelijk zijn of de informatie van een bron afkomstig is.
Wanneer je naar een bron wilt verwijzen die in een andere bron wordt gebruikt dan raden we je aan om de originele bron op te zoeken. Je kunt dan direct naar de originele bron verwijzen volgens de normale APA-regels.
Als je de originele bron niet kunt vinden dan moet je verwijzen naar deze bron via de andere bron. Dit noem je een indirecte verwijzing of een secundaire bron.
In de verwijzing in de tekst voeg je beide auteurs toe. In de literatuurlijst plaats je alleen de door jou geraadpleegde bron.
Voorbeeld: Driessen (geciteerd in Swaen, 2014) maakt gebruik van drie methodes.
Als de auteur van een publicatie onbekend is, rangschik je de bron op basis van de titel. Negeer hierbij de woorden “de”, “het” en “een” aan het begin van de titel.
De Scribbr Bronnengenerator is ontwikkeld met behulp van het open-source Citation Style Language (CSL)-project en Frank Bennett’s citeproc-js. Het is dezelfde technologie die wordt gebruikt door tientallen andere populaire bronnengenerators, waaronder Mendeley en Zotero.
Je kunt alle citatiestijlen en talen vinden die in de Scribbr Citation Generator worden gebruikt in onze openbaar toegankelijke repository op Github. De meeste referentiestijlen worden door de Bronnengenerator ondersteund. Zo hebben we onder andere een APA Generator en een MLA Generator.
Scribbr gebruikt geavanceerde plagiaatdetectietechnologie die vergelijkbaar is met de software die door de meeste universiteiten en uitgevers wordt gebruikt, waardoor je verzekerd bent van dezelfde of zeer vergelijkbare resultaten.
De add-on AI Detector wordt aangestuurd door Scribbrs eigen software en is in staat om teksten gegenereerd door ChatGPT, Gemini en andere AI-tools met hoge nauwkeurigheid te detecteren.