Reflecteren met het model van Korthagen (met voorbeeld)

Het model van Korthagen is een methode die je kunt gebruiken in je reflectieverslag om te reflecteren op je handelen. Het reflectiemodel van Korthagen bestaat uit 5 stappen:

  1. Je ervaart een betekenisvolle situatie.
  2. Je blikt hierop terug; de reflectie.
  3. Je begrijpt de meest belangrijke kenmerken van de ervaring.
  4. Je bedenkt wat anders zou kunnen in het vervolg; alternatieven.
  5. Je probeert deze alternatieven uit in de praktijk.

Vervolgens doe je een nieuwe ervaring op waarop je weer kunt reflecteren en begin je weer bij stap 1.

Verder lezen: Reflecteren met het model van Korthagen (met voorbeeld)

Voorbeeld hoofdstuk operationalisatie in je scriptie

Zodra je hebt bepaald hoe je abstracte begrippen in je onderzoek meetbaar maakt in je scriptie, stageverslag of algemene academische tekst, kun je de operationalisatie opnemen in de tekst.

Let op: Het kan ook zijn dat je de operationalisatie in een apart hoofdstuk, onderdeel of aparte paragraaf moet opnemen, afhankelijk van jouw studierichtlijnen.

Je schrijft de operationalisatie grotendeels in de onvoltooid tegenwoordige tijd.

Verder lezen: Voorbeeld hoofdstuk operationalisatie in je scriptie

Operationaliseren – Stappenplan met voorbeelden

Als je een of meerdere abstracte concepten onderzoekt, zoals succes, geluk of status, moet je deze concepten operationaliseren, omdat je ze niet direct kunt meten. Je vertaalt de concepten naar meetbare variabelen.

De operationalisering van je concepten vindt plaats nadat je je onderzoeksvragen hebt opgesteld. Je kunt het stappenplan van ons operationalisatieschema gebruiken, waarbij je antwoord geeft op de volgende vijf vragen:

  1. Welke abstracte concepten wil je in het onderzoek meten?
  2. Hoe definieer je de abstracte concepten?
  3. Welke dimensies en subdimensies horen bij deze definities van je abstracte concepten?
  4. Welke meetbare fenomenen, ofwel indicatoren, representeren deze abstracte concepten (variabelen) in het onderzoek?
  5. Hoe kun je deze indicatoren meten?

Verder lezen: Operationaliseren – Stappenplan met voorbeelden

Hoe je paragrafen en alinea’s gebruikt

Een goede indeling van je paragrafen en alinea’s is cruciaal voor de leesbaarheid van iedere academische tekst, scriptie, essay, proposal of Plan van Aanpak.

Een paragraaf gaat in op een specifiek deelonderwerp dat betrekking heeft op je hoofdonderwerp. Boven een paragraaf staat altijd een kopje (vaak met paragraafnummer, zoals 1.1 of 1.2) en hiervoor staat een witregel. Paragrafen gebruik je om een tekst beter te structureren.

In een alinea bespreek je een thema met betrekking tot je hoofdonderwerp of deelonderwerp. Per alinea ga je in op één kerngedachte en schrijf je een of twee kernzinnen op. Een alinea begint op de volgende regel en springt soms in. Alinea’s bestaan altijd uit meer dan een zin en komen in iedere tekst voor.

Verder lezen: Hoe je paragrafen en alinea’s gebruikt

Structuur van een academische tekst – duidelijk format

Niet iedere academische tekst heeft een voorgekauwd format dat je kunt gebruiken, zoals een scriptie, essay, proposal of Plan van Aanpak.

Er zijn allerlei redenen om een academische tekst te schrijven: in opdracht van je docent, als artikel voor een wetenschappelijk tijdschrift, om in je blog een stelling te weerleggen, om nieuwe informatie te presenteren, als motivatie voor een statement dat je gemaakt hebt, et cetera.

Een academische tekst bestaat uit een duidelijk begin, midden en eind.

Het begin van je tekst (20-30% van het aantal woorden) bestaat uit een introductie:

  1. Het doel van je tekst
  2. Introductie van je onderwerp
  3. Aankondiging van wat volgt

Het midden van je tekst (50-80% van het aantal woorden) bestaat uit de uitwerking:

  1. Presenteer je informatie zoals aangekondigd, in een logische volgorde.
  2. Op basis van deze informatie kun je eventueel subonderwerpen aansnijden.

Aan het eind van je tekst (5-20% van het aantal woorden) rond je je verhaal af:

  1. Je bereikt het doel dat je gesteld hebt
  2. Je voldoet aan de eisen voor een goed einde

Verder lezen: Structuur van een academische tekst – duidelijk format

Voorbeeld methodologie

Hoe jouw methodologie eruit moet zien, hangt af van het soort onderzoek dat je doet, je onderzoeks- en dataverzamelingsmethoden, hoe je de data analyseert en van je onderzoeksopzet.

Het voorbeeld hieronder van de methodologie is opgesteld op basis van een probleemstelling en een onderzoeksvraag.

We gaan vervolgens kort in op de onderzoeksopzet en hebben de 5 vragen om een goede methodologie te schrijven puntsgewijs beantwoord om je een goed kader te geven om het voorbeeld dat volgt beter te begrijpen.

In het voorbeeld is bovendien een bespreking van de validiteit en betrouwbaarheid van het onderzoek opgenomen.

Verder lezen: Voorbeeld methodologie

De methodesectie (methodologie) in je scriptie

In de methodologie beschrijf je welke methoden je gebruikt om tot de resultaten (in je scriptie) te komen. Hierbij ga je in op:

  1. Het soort onderzoek – kwalitatief of kwantitatief onderzoek
  2. De dataverzamelingsmethoden – deskresearch of fieldresearch
  3. De datakenmerken – waaronder de inclusie- en exclusiecriteria en steekproefomvang
  4. Het onderzoeksverloop – uitvoering van de methoden
  5. De data-analysemethoden – tools waarmee je de data analyseert
  6. De validiteit en betrouwbaarheid van je onderzoek

De methodologie volgt meestal na je theoretisch kader. In je methodologie kun je grotendeels informatie uit je onderzoeksopzet opnemen.

Verder lezen: De methodesectie (methodologie) in je scriptie

Inductief en deductief redeneren in 4 stappen

Het belangrijkste verschil tussen inductief en deductief redeneren is dat je bij inductief redeneren een nieuwe theorie probeert te creëren, terwijl je bij deductief redeneren een bestaande theorie probeert te toetsen.

  • Inductief onderzoek heeft meestal betrekking op de toekomst en wordt vaak gekozen als er weinig literatuur over je onderzoeksonderwerp te vinden is.
  • Deductief onderzoek heeft meestal betrekking op het heden of verleden en wordt vaak gekozen als er al veel bestaande theorieën zijn die je met je onderzoek kunt toetsen.

Je kunt inductief en deductief onderzoek in je scriptie ook met elkaar combineren.

Verder lezen: Inductief en deductief redeneren in 4 stappen