Hoe je paragrafen en alinea’s gebruikt

Een goede indeling van je paragrafen en alinea’s is cruciaal voor de leesbaarheid van iedere academische tekst, scriptie, essay, proposal of Plan van Aanpak.

Een paragraaf gaat in op een specifiek deelonderwerp dat betrekking heeft op je hoofdonderwerp. Boven een paragraaf staat altijd een kopje (vaak met paragraafnummer, zoals 1.1 of 1.2) en hiervoor staat een witregel. Paragrafen gebruik je om een tekst beter te structureren.

In een alinea bespreek je een thema met betrekking tot je hoofdonderwerp of deelonderwerp. Per alinea ga je in op één kerngedachte en schrijf je een of twee kernzinnen op. Een alinea begint op de volgende regel en springt soms in. Alinea’s bestaan altijd uit meer dan een zin en komen in iedere tekst voor.

Paragrafen

In een paragraaf bespreek je een specifiek deelonderwerp dat betrekking heeft op het hoofdonderwerp van je tekst. Je gaat bijvoorbeeld in op een bepaalde locatie, op de omvang, op de prijs, op een specifieke persoon of gedachtegoed of op een ander thema dat direct te maken heeft met jouw hoofdonderwerp maar goed te isoleren is in een aparte paragraaf.

Met behulp van paragrafen structureer je jouw tekst om deze beter leesbaar te maken. Je lezer weet zo precies wat volgt en waar hij of zij bepaalde informatie moet zoeken.

Met je opmaak en/of met paragraafnummers maak je duidelijk dat het om een paragraaf gaat.

Regels voor paragrafen

  • Een paragraaf behandelt een specifiek onderwerp met betrekking tot het hoofdonderwerp van de tekst.
  • Boven een paragraaf staat altijd een kopje, al dan niet met paragraafnummer.
  • Tussen twee paragrafen staat een witregel.
  • Gebruik paragrafen als er meer dan 2 deelonderwerpen zijn in een hoofdstuk. Hiermee structureer je jouw tekst.
  • Paragrafen zijn bij voorkeur ongeveer even lang.
  • Je gebruikt geen paragrafen als je deelonderwerpen niet apart van elkaar kunt bespreken.

Ontvang feedback op taal, structuur, lay-out en bronvermelding

Professionele Scribbr-editors kijken je scriptie na op:

  • Academisch taalgebruik
  • Onduidelijke zinnen
  • Grammaticale fouten
  • Interpunctie
  • Verboden woorden

Bekijk het voorbeeld

Wanneer gebruik je een paragraaf en paragraafnummers?

Je gebruikt een paragraaf als het onderwerp dat je behandelt bestaat uit meerdere deelonderwerpen die ieder apart besproken kunnen worden.

Je gebruikt paragraafnummers als je paragraaf binnen een genummerd hoofdstuk valt (hoofdstuk 1, 2, 3, etc.) en je doorgaans meer dan 2 paragrafen binnen eenzelfde hoofdstuk gebruikt.

Paragraafnummers helpen in dit geval structuur aan te brengen en zorgen ervoor dat je lezer makkelijk door kan scrollen. We raden het daarom aan om in een lange academische tekst, zoals je scriptie of Plan van Aanpak, je hoofdstukken én paragrafen te nummeren.

Je gebruikt geen paragraafnummers als je hoofdstuk niet genummerd is en/of je hoofdstuk niet meer dan 2 paragrafen bevat.

Voorbeeld wanneer je een paragraaf met paragraafnummers gebruikt

Tekst: Plan van Aanpak

Onderwerp in hoofdstuk 1: Beschrijving Bedrijf X

Deelonderwerpen: Oprichting, Missie en visie, Kernactiviteiten, Doelgroep, Verkoopcijfers, Ontwikkelingsmogelijkheden

voorbeeld-paragraaf-paragraafnummers

Voorbeeld wanneer je een paragraaf zonder paragraafnummers

Tekst: Paper

Onderwerp: Vergelijking gedachtegoed van drie Duitse en drie ‘boeddhistische’ filosofen

Deelonderwerpen: Meister Eckhart en Eckhart Tolle, Nietzsche en de Dalai Lama, Freud en Gandhi, Verschillen en overeenkomsten

voorbeeld-paragraaf-zonder-paragraafnummers

Wanneer gebruik je subparagrafen en subparagraafnummers?

Je gebruikt subparagrafen als je deelonderwerp weer duidelijk te verdelen is in deelonderwerpen, die je elk apart kunt bespreken.

Subparagraafnummers (zoals 1.1.1 en 1.1.2) gebruik je alleen als je genummerde paragraaf in meer dan 2 subparagrafen verdeeld kan worden. Als je geen subparagraafnummers gebruikt, zorg je ervoor dat het door de opmaak van je kopjes (vetgedrukt, schuingedrukt of onderstreept) duidelijk is dat het om subparagrafen gaat.

Voorbeeld wanneer je een subparagraaf met subparagraafnummers gebruikt

Tekst: Plan van Aanpak

Onderwerp in hoofdstuk 1: Beschrijving Bedrijf X

Deelonderwerp: Kernactiviteiten

Deelonderwerpen bij het deelonderwerp: Dienstverlening, verhuur, verkoop, reparatie, advies

voorbeeld-subparagraaf-subparagraafnummers

Voorbeeld wanneer je een subparagraaf zonder subparagraafnummers gebruikt

Tekst: Paper

Onderwerp: Vergelijking gedachtegoed van drie Duitse en drie ‘boeddhistische’ filosofen

Deelonderwerp: Meister Eckhart en Eckhart Tolle

Deelonderwerpen bij het deelonderwerp: Duitse filosofie in 13de eeuw na Christus, Meister Eckharts belangrijkste ideeën, Achtergrond van Eckhart Tolle, Filosofie van Eckhart Tolle, Verschillen tussen Meister Eckhart en Eckhart Tolle, Overeenkomsten tussen Eckhart en Eckhart

voorbeeld-subparagraaf-zonder-subparagraafnummers

Wanneer gebruik je géén paragrafen?

  1. Je gebruikt geen paragrafen als er geen deelonderwerpen in je tekst te onderscheiden zijn (bijvoorbeeld omdat de tekst erg kort is).
  2. Je gebruikt ook geen paragrafen als je de verschillende deelonderwerpen die je in een tekst of hoofdstuk behandelt niet los van elkaar kunt bespreken, omdat ze allemaal nauw met elkaar samenhangen in een verhaal en je de flow van je tekst niet wilt doorbreken.

Punt 1 spreekt voor zich, maar punt 2 misschien niet. Daarom hebben we bij punt 2 een voorbeeld toegevoegd. Hier kun je zien dat alle deelonderwerpen bij elkaar horen en dat alleen alinea’s gebruikt worden om de verschillende kerngedachten van elkaar te onderscheiden. Een alinea leest namelijk makkelijk door en gebruik je in iedere tekst, een paragraaf stopt de flow van de tekst en structureert het geheel.

Voorbeeld géén paragrafen omdat deelonderwerpen samenhangen

Onderwerp: Reflectie op een stage bij bedrijf X

Deelonderwerpen: gedrag en ontwikkeling van stagiair, stageactiviteiten, evaluatie van werkzaamheden, samenwerking met collega’s

geen-paragrafen

Alinea’s

In een alinea ga je in op een thema dat onderdeel uitmaakt van het onderwerp waar je het over hebt in een academische tekst, zoals in een essay, hoofdstuk van een scriptie, Plan van Aanpak of paragraaf. Alinea’s komen in iedere goed geschreven academische tekst voor.

Regels voor alinea’s

  • Een alinea bevat één kerngedachte of kernthema, uitgedrukt in een (of twee) kernzinnen.
  • Een alinea is altijd langer dan 1 zin.
  • Een alinea begin je op een nieuwe regel (en mag je laten inspringen afhankelijk van jouw studierichtlijnen).
  • Als je de alinea laat inspringen, moet je dit consequent doen, behalve aan het begin van een nieuw hoofdstuk of nieuwe paragraaf.
  • Alinea’s zijn bij voorkeur allemaal ongeveer even lang.
  • De eerste (inleidende) en laatste (afsluitende) alinea van een tekst of hoofdstuk mogen naar verhouding wat korter zijn.
  • Alinea’s moeten met elkaar samenhangen.

Hoe verbind je ze aan elkaar?

Een goede tekst, academisch of niet, bestaat uit alinea’s die elkaar op een logische manier opvolgen en die met elkaar samenhangen. Doen ze dat niet, dan krijg je het commentaar dat je tekst ‘van de hak op de tak’ gaat.

Alinea’s worden aan elkaar verbonden door het gezamenlijke (deel)onderwerp dat ze bespreken en door een goed gebruik van verbindingswoorden. Zo gaan verschillende alinea’s in op verschillende kerngedachten omtrent hetzelfde onderwerp en hebben deze gedachten op een bepaalde manier een verband met elkaar, bijvoorbeeld een oorzakelijk verband, een tegenstelling of een opsomming.

In het fictieve voorbeeld zie je de functies van de alinea’s toegelicht. Om deze alinea’s vervolgens goed met elkaar te verbinden, gebruiken we verbindingswoorden die we ter illustratie in het voorbeeld hebben onderstreept.

Voorbeeld samenhangende alinea’s

Tekst: Algemene academische tekst met als doel informatie geven over een fenomeen

Onderwerp: Leeglopende dorpen in Zuid-Italië

Kerngedachten:

  1. Introductie van het onderwerp en voorbeelden van leeglopende dorpen in Zuid-Italië
    • Functie: Inleidende alinea en voorbeeld & toelichting
  2. Oorzaak hiervan
    • Functie: Reden en verklaring
  3. Nadelige gevolgen van de leeglopende dorpen
    • Functie: Oorzaak-gevolg en opsomming
  4. Voordelen van de leeglopende dorpen
    • Functie: Tegenstelling ten opzichte van vorige alinea en oorzaak-gevolg
  5. Oplossingen voor het fenomeen vanuit de regering
    • Functie: Doel-middel
  6. Afsluiting van de tekst
    • Functie: Samenvatting-conclusie

Voorbeeld

Al sinds de jaren 60 trekken hoger opgeleide Zuid-Italianen weg uit de kleinere dorpen op het platteland richting grotere steden zoals Rome en Napels, of zelfs richting Noord-Italië of het buitenland. De gemeente Ailano in Campania is een van deze leeglopende dorpen. Het oude dorp is inmiddels grotendeels verlaten en alleen in de omringende huizen wonen nog mensen, net als in veel omringende dorpen. Het bewonersaantal is er in de afgelopen tien jaar met X procent geslonken.

De reden hiervoor is dat veel jongvolwassenen in de regio wegtrekken naar grotere steden. Vaak verlaten ze de dorpen om te studeren en vinden ze werk in de stad waar ze studeren waardoor ze vervolgens wegblijven. De dorpen lopen ook leeg omdat jongvolwassenen wegtrekken om werk te zoeken. In het dorp zelf is immers te weinig bedrijvigheid om zelf carrière te maken. Bovendien levert het werk van hun ouders minder geld op dan het werk dat ze in de stad kunnen vinden.

Het gevolg hiervan is een kettingreactie. Doordat mensen wegtrekken is er steeds minder werk en levert het werk minder op. Daardoor zijn er steeds minder kansen op werk voor jongvolwassenen die wel zouden willen blijven. Ook de jongvolwassenen met een liefde voor de regio worden hierdoor gedwongen om de dorpen te verlaten. Hun ouders sporen hen zelfs aan het dorp te verlaten zodat ze een goede studie kunnen volgen of carrière kunnen maken.

Er zijn echter ook voordelen van de leeglopende dorpen. Doordat de mensen in grote getalen naar de stad trekken heeft de natuur in de leeglopende dorpen de vrije loop gekregen. Veel zeldzame plant- en diersoorten keren terug naar de gebieden eromheen. Hierdoor worden de dorpen toeristische trekpleisters voor mensen die in stilte van de natuur willen genieten.

De Italiaanse regering probeert dit toerisme te stimuleren om de leeglopende dorpen weer leven in te blazen. Door middel van fondsen voor agritoerisme motiveert de regering starters om in de dorpen een vakantie-business, zoals een camping of een bed and breakfast met activiteiten, op te zetten. Het doel hiervan is om de economie in de dorpen aan te wakkeren met het geld dat toeristen spenderen en om de inwoners de kans te geven een carrière te beginnen in toerisme.

De leeglopende dorpen in Zuid-Italië hebben dus nadelen en voordelen. Het is belangrijk dat de voordelen benut worden om de nadelen tegen te gaan. Daarom ligt de toekomst van de leeglopende dorpen in Zuid-Italië in het toerisme.

Hoe schrijf je een goede kernzin?

Een goede kernzin kun je alleen schrijven als je de kerngedachte van je alinea weet. Je moet weten wat je met je alinea wilt bereiken. Wil je een voorbeeld presenteren? Wil je een duidelijk punt maken en dit uitwerken? Wil je een oorzaak of een gevolg beschrijven?

Zodra je weet wat je met een alinea wilt bereiken, bijvoorbeeld het positieve gevolg van windenergie beschrijven, kun je aan de slag met je kernzin(nen).

Vragen die je in je kernzin beantwoordt

Je kernzin beantwoordt doorgaans een van de volgende vragen:

  • Wat is de inleiding van de tekst?
  • Wat zijn daar voorbeelden van?
  • Wat zijn de onderdelen of categorieën daarvan?
  • Wat zijn de argumenten daarvoor?
  • Wat is daarvan de oorzaak?
  • Wat is daarvan het gevolg?
  • Wat is daarmee in strijd?
  • Wat is de afsluiting van de tekst?
Voorbeeld kernzin in antwoord op vraag: ‘Wat is daarvan het gevolg?’

Onderwerp van de tekst:Windenergie in Nederland

Onderwerp van je alinea: Positieve gevolg van windenergie

Vraag om te beantwoorden: Windenergie – Wat is daarvan het (positieve) gevolg?

Kernzin: Het positieve gevolg van het gebruik van windenergie in Nederland is de verminderde CO2 uitstoot.
Voorbeeld kernzin en uitwerking van de alinea:
Het positieve gevolg van het gebruik van windenergie in Nederland is de verminderde CO2 uitstoot. Doordat de CO2 verminderd is in de regio’s waar windenergie effectief ingezet wordt, is de lucht in deze regio’s minder vervuild. Deze betere kwaliteit lucht heeft veel voordelen voor de natuur.

Kernzinschema

Vul het volgende schema in om zelf een goede kernzin te schrijven. Je hoeft niet alle onderdelen (gehele tekst, hoofdstuk en paragraaf) in te vullen, maar dat kan wel helpen structuur aan te brengen in je gedachten.

Voorbeeld kernzinschema
OnderdeelOnderwerpVraag om te beantwoorden in je alinea?
Gehele tekstX
HoofdstukX
ParagraafX
Alinea
Kernzin:…………………
Voorbeeld ingevuld schema voor een goede kernzin
OnderdeelOnderwerpVraag om te beantwoorden in je alinea?
Gehele tekstAgritoerisme in ItaliëX
HoofdstukZuid-ItaliëX
ParagraafLeeglopende dorpen in Zuid-ItaliëX
AlineaOorzaak van de leeglopende dorpen in Zuid-ItaliëWat is daarvan de oorzaak?
Kernzin:De reden hiervoor is dat veel jongvolwassenen in de regio wegtrekken naar grotere steden.

Kenmerken van paragrafen en alinea’s

Om je tot slot nog eens extra te helpen begrijpen wanneer iets een paragraaf is en wanneer een alinea en wat de kenmerken van beide zijn, hebben we een handige tabel voor je gemaakt aan de hand van veelgestelde vragen.

VraagParagraafAlinea
Wat bespreek je erin?Je bespreekt een specifiek onderwerp met betrekking tot het hoofdonderwerp van je tekst.Je bespreekt een thema met betrekking tot het onderwerp van je tekst of het specifieke onderwerp van een paragraaf..

Of de alinea dient om informatie in te leiden, af te sluiten of alinea’s/paragrafen te verbinden.

Wat moet hierin voorkomen?Een paragraaf moet altijd een specifiek onderwerp van je tekst behandelen.

Gebruik kopjes om aan te duiden dat het om een paragraaf gaat.

In een alinea staat altijd een kernzin. Dit is de eerste, laatste of tweede zin (na een inleidende zin).

Gebruik verbindingswoorden om je alinea’s samen te voegen tot een geheel.

Hoe is de opmaak?Er staat een witregel tussen iedere nieuwe paragraaf en je duidt deze aan met een kopje, eventueel voorafgegaan door een paragraafnummer.Je begint een nieuwe alinea op een nieuwe regel en laat deze al dan niet inspringen.
Hoeveel zijn er?Je gebruikt bij voorkeur paragrafen en paragraafnummers, zoals 1.1 en 2.3, als meer dan 2 paragrafen in een hoofdstuk in het midden van je tekst voorkomen.Per paragraaf gebruik je meestal 2 of meer alinea’s – afhankelijk van de hoeveelheid subonderwerpen die je behandelt.
Wanneer gebruik je ze niet?Je gebruikt geen paragrafen in een (korte) tekst waarin je geen specifieke deelonderwerpen bespreekt.

Je gebruikt meestal geen paragrafen in je inleiding of in je conclusie.

Je gebruikt geen paragrafen als je deelonderwerpen niet apart van elkaar kunt bespreken.

Alinea’s komen in iedere tekst en ieder hoofdstuk altijd voor.

Alinea’s komen ook bijna altijd voor in paragrafen.

Hoe lang zijn ze?De lengte van paragrafen is afhankelijk van de lengte van je tekst. Een paragraaf bestaat meestal uit 2 of meer alinea’s. Het kan voorkomen dat een subparagraaf maar uit 1 alinea bestaat.

Paragrafen dienen ongeveer even lang te zijn (met een max. verschil van 200 woorden).

Een alinea moet uit meer dan 1 zin bestaan. Een alinea mag maximaal zo lang zijn als anderhalve pagina.

Aanbevolen is om alle alinea’s ongeveer even lang te houden.

Checklist: Paragrafen

0 / 6

Goed bezig!

Je paragrafen zitten nu in ieder geval goed in elkaar.

Overzicht van alle checklists voor je scriptie Terug naar het artikel

Checklist: Alinea’s

0 / 6

Goed bezig!

Je alinea's zitten nu goed in elkaar.

Overzicht van alle checklists voor je scriptie Terug naar het artikel

Wat vind jij van dit artikel?
Lou Benders

Lou was Scribbrs Product- en Kwaliteitsmanager tot ze naar Italië verhuisde voor de liefde en het lekkere weer. Nu werkt ze op afstand aan Scribbrs diensten en aan handige artikelen over academische teksten.

1 reactie

Lou Benders
Lou Benders (Scribbr-team)
3 juli 2018 14:55

Bedankt voor het lezen! Ik hoop dat je er iets aan hebt gehad. Zit je nog met een vraag? Laat een reactie achter en ik kom zo snel mogelijk bij je terug.

Stel een vraag of reageer.